Flow -het concept-

Flow is een concept dat in 1975 is geïntroduceerd door Csikszentmihalyi (psycholoog). Hij noemt flow een proces van totale betrokkenheid bij het leven waarin positieve aspecten zoals menselijke ervaring, genot en creativiteit het uitgangspunt zijn (Csikszentmihalyi, 2010). Dit concept past in de eudiamonische stroming van de positieve psychologie. Naast een eudiamonische stroming bestaat de hedonistische stroming (Ryan & Deci, 2001). In de hedonistische stroming wordt het welbevinden van een mensen omschreven als een samenstelling van een hoge mate van positieve gevoelens in tegenstelling tot een lage mate van negatieve gevoelens (Grothoff, 2014). In de eudiamonische stroming daarentegen wordt het welbevinden omschreven als een manier van optimaal psychologisch functioneren (Lamers, 2012). Het is gerelateerd aan persoonlijke groei en ontwikkeling en aan de continue aandacht voor genotmomenten (Maslow, 1968; Ryff, 1989; Ryff & Singer, 1998; Van Dierendock, 2005). Flow past bij deze eudiamonische stroming omdat flow een toestand van functioneren weergeeft waarin een individu zich authentiek voelt (Seligman & Csikszentmihalyi 2000).

Flow kan worden gezien als een ‘optimale subjectieve ervaring’ (Csikszentmihalyi, & LeFevre 1989) en is gebaseerd op het fenomeen ‘B-state’. Koch (1956) omschreef B-state als een toestand waarin mensen gelukkig en vol energie verkeren en waarbij men zo opgaat in een activiteit dat deze personen op dat moment geen andere behoeften voelen. Flow is een begrip dat berust op de waarneming en ervaring van een individu en wordt in de literatuur door diverse auteurs op verschillende manieren omschreven. Csikszentmihalyi (2010) omschreef het concept als een staat waarin mensen vol aandacht en gepassioneerd bezig zijn met een activiteit, waardoor de omgeving en tijd wordt vergeten en onbelangrijk is. Mensen blijven de activiteit doen ondanks dat het veel energie en moeite kost, omdat er een prettige optimale ervaring wordt waargenomen. Er zijn auteurs die aangeven dat flow wordt gekenmerkt door het ‘opgaan in een taak’ en het geluk dat daaruit voortkomt, of dat flow zich kenmerkt door bijvoorbeeld enkel motivatie (Ghani & Desphane 1994). Deze verschillende omschrijvingen en kenmerken geven onduidelijkheid over het concept flow. Tevens maken niet alle auteurs het onderscheid tussen de flow-toestand zelf en de voorwaarden van flow. Zo is Csikszentmihalyi (1990) van mening dat vaardigheden van een mens in balans moeten zijn met de activiteit die volbracht moet worden. Dit is volgens hem kenmerkend voor flow. Jackson en Marsh (1996) daarentegen, beweren dat een persoon in flow verkeert wanneer autonomie wordt ervaren en positieve feedback wordt ontvangen. Aan de hand van verschillende omschrijvingen van flow concludeert Bakker (2008) dat flow uit drie componenten bestaat. Deze componenten zijn ‘intrinsieke motivatie’, ‘geluk’ en ‘absorptie’. Bij deze drie componenten van Bakker heeft de intrinsieke motivatie betrekking op het plezier, genoegen en de behoefte van iemand om een activiteit uit te voeren. Geluk is het positief evalueren van de kwaliteit van leven en absorptie is een staat van volledige concentratie waarin men opgaat. De definitie van Bakker bevat, in tegenstelling tot die van andere auteurs, geen voorspellende factoren van flow.


Bron: Vermulst, R. (2015). Flow in het hbo: een onderzoek naar flow binnen een hbo opleiding. (p. 8)


 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s